Logo Printen Logo RSS logo facebook

Beleidsvoorstellen van zij-kant voor een gelijke beloning v/m

Beleidsvoorstellen van zij-kant voor een gelijke beloning v/m

zij-kant is blij met de goedkeuring op 8 maart 2012 van het "Wetsvoorstel ter bestrijding van de loonkloof" [1], een wettelijke maatregel waarvan de organisatie al sinds 2005 voorstander is. Naar aanleiding van de Equal Pay Day 2012, formuleert de organisatie in het "EPD-dossier 2012" 6 voorstellen naar het beleid toe met het oog op een gelijke beloning voor vrouwen en mannen [2]:

1) De studiekeuzes van nu bepalen het loon van later.
De studiekeuze is bepalend voor een loopbaan, maar is ook mee verantwoordelijk voor de loonkloof. Meisjes en jongens kiezen nog altijd voor typische meisjes- en jongensstudies. Jongens kiezen vaker voor technische en ‘harde’ wetenschappelijke richtingen die beter in de markt liggen, met hogere lonen, meer promotiekansen en loopbaanmogelijkheden.

- Meer aandacht in het onderwijs voor roldoorbrekende studiekeuzes. Een bewuste studiekeuze is belangrijk voor de studieloopbaan en voor de latere kansen op de arbeidsmarkt.

2) Meer jongens naar de zorg, meer meisjes naar de chemie.
De cijfers tonen het duidelijk aan: vrouwen zijn oververtegenwoordigd in de zorg, de sociale sector en de social profit: sectoren waar de lonen lager liggen. De beter betaalde sectoren zoals de chemische en de farmaceutische industrie en de IT blijven uitgesproken mannenbastions. Bovendien hebben vrouwen vaker minder goed betaalde jobs en zien ze leidinggevende functies nog te vaak aan hun neus voorbijgaan.

- De invoering van ’girls and boys days’ in uitgesproken mannen- of vrouwensectoren, zodat jongens kunnen kennismaken met zorg, en meisjes met meer technische of wetenschappelijke richtingen. Maar ook een herwaardering en betere lonen voor zogenaamde ‘vrouwensectoren’ en ‘vrouwenberoepen’ en meer inspanningen om jongens naar deze sectoren te leiden. En andersom ook meer initiatieven om de zogenaamde ‘harde sectoren’ aantrekkelijker te maken voor meisjes en vrouwen.

3) De loopbaankloof aanpakken
Tijdskrediet en loopbaanonderbrekingen blijven vooral een vrouwenzaak. Ook ouderschapsverlof, zorgverlof en palliatief verlof – nochtans rechten voor vrouwen én mannen – worden vooral door vrouwen opgenomen. Slechts 1 aanvraag op 3 is afkomstig van mannen, meestal pas in de laatste jaren voor hun pensioen. Gebrekkige zorgstructuren, traditionele rollenpatronen en lagere vrouwenlonen stimuleren deze gezinsbeslissingen. Maar wie haar of zijn loopbaan (deeltijds) onderbreekt, krijgt bovenop een lager inkomen ook minder kans op promotie of loonsverhoging en op termijn een lager pensioen.

- Voldoende, kwaliteitsvolle en betaalbare opvang voor kinderen en voor andere zorgafhankelijke personen en een gezinsvriendelijke arbeidsorganisatie voor vrouwen en mannen. Ook de beperking van de negatieve gevolgen van loopbaanonderbrekingen door de gelijkstelling van deze inactieve met gewerkte periodes moet bekeken worden.

4) Deeltijds werk beter, maar ook anders, verdelen
Van alle loontrekkende vrouwen werkt 44% deeltijds. Bij de mannen is dit slechts 9%. Een deeltijdse job betekent een deeltijds loon, deeltijdse sociale zekerheidsrechten en (tenzij je het statuut ‘deeltijds met behoud van rechten’ aangevraagd hebt) helaas ook een ‘deeltijds’ pensioen.

- Deeltijds werk moet beter verdeeld worden tussen vrouwen en mannen. Op die manier profiteren zowel mannen als vrouwen van de positieve gevolgen van loopbaanonderbrekingen – zodat ze beiden meer tijd met elkaar, de kinderen of hulpbehoevende ouders kunnen doorbrengen – maar verdelen ze ook eventuele nadelen. Werknemers moeten ook beter geïnformeerd worden over de gevolgen van deeltijds werken. Ook de werkgever kan zijn steentje bijdragen door een meer gezinsvriendelijke arbeidsorganisatie met bijvoorbeeld thuiswerk, flexibele uren of schoolbelcontracten die toelaten de kinderen na school op te pikken.

5) Een verdere maatschappelijke evolutie
Uit onderzoek blijkt dat vrouwen nog steeds de hoofdverantwoordelijke zijn voor huishouden en gezin en dat zij dus vaker gebukt gaan onder de dubbele dagtaak job-gezin. Daarom moeten mannen gestimuleerd worden meer zorgtaken binnen het gezin op zich te nemen. En ze moeten dat ook kunnen.

- Een aanpassing van de modaliteiten van het vaderschapsverlof, naar Scandinavisch model. In België hebben kersverse vaders vandaag recht op 10 dagen vaderschapsverlof, terwijl vrouwen drie maanden bevallingsverlof krijgen. Een uitbreiding van het vaderschapsverlof, gekoppeld aan een verplichte opname ervan, garandeert niet alleen een evenwichtigere verdeling van de zorgtaken tussen vrouwen en mannen op korte termijn. Bovendien laat een uitgebreid vaderschapsverlof mannen ook toe een hechtere band te krijgen met hun kind, wat de balans ook op lange termijn kan verbeteren. Een win-win-win situatie voor moeder, vader en maatschappij dus, en bovendien een effectieve manier om de loon- en loopbaankloof aan te pakken.

6) Meer onderzoek
Volgens de analyse van de FOD Economie en het Instituut voor de Gelijkheid van Vrouwen en Mannen kan zo’n 48% van de loonkloof verklaard worden door professionele kenmerken zoals beroep, sector en arbeidsregime; individuele factoren als het diploma, de leeftijd en de nationaliteit; en de gezinssituatie. De overige 52% blijft op dit moment onverklaarbaar. Dat betekent dat een vrouw met dezelfde leeftijd en anciënniteit, werkzaam in dezelfde functie in dezelfde sector en met hetzelfde opleidingsniveau als een man toch nog minder kan verdienen dan die mannelijke collega.

- De loonkloof zou nog beter verklaard kunnen worden met nog meer objectieve en gedetailleerde cijfers. Zo zou een analyse van de genderverschillen in diploma’s wellicht een extra stuk loonkloof kunnen verklaren. Alleen door een goed begrip van de oorzaken van de loonkloof, kunnen we structurele oplossingen zoeken om de loonongelijkheid tussen vrouwen en mannen eindelijk weg te werken.