Logo Printen Logo RSS logo facebook

Het Belgisch Pekingrapport 2014

Het Belgisch Pekingrapport 2014

Beijing+20 Engels

Het rapport in het kader van Peking +20

In maart 2015 vindt de 59e sessie van de Commissie voor de Status van de Vrouw plaats in New York. 20 jaar na de 4de Wereldvrouwenconferentie zal de Commissie de geboekte vooruitgang evalueren van de tenuitvoerlegging van de Verklaring en het Actieplatform van Peking. Daarom werden landen verzocht om een rapport op te stellen over de gemaakte vorderingen en de ondervonden hindernissen op het vlak van gendergelijkheid tijdens de voorbije 2 decennia.

Voor België werd het Instituut voor de Gelijkheid van Vrouwen en Mannen (IGVM) belast met de coördinatie van het rapport in samenwerking met de FOD Buitenlandse Zaken en Ontwikkelingssamenwerking. Het IGVM realiseerde het Belgisch rapport op basis van bijdragen van verschillende overheidsdiensten en van de gefedereerde entiteiten. Ook het middenveld werd officieel geconsulteerd. Het rapport werd eind mei 2014 door Buitenlandse Zaken overgemaakt aan de Verenigde Naties.

Het 49 pagina’s tellende rapport bevat vier delen en bekijkt achtereenvolgens:
- de verwezenlijkingen maar ook de ondervonden hindernissen op het vlak van gendergelijkheid sinds 1995;
- de vooruitgang bij de uitvoering van de kritieke domeinen van het Actieprogramma sinds 2009;
- de op het vlak van gendergelijkheid voorhanden data en statistieken;
- de voornaamste prioritaire actiepunten die zich de komende drie tot vijf jaar aftekenen.

Verwezenlijkingen en hinderpalen

De institutionele en wetgevende verankering van het gelijke kansenbeleid, wordt aangemerkt als de belangrijkste verwezenlijking op het vlak van gendergelijkheid voor de laatste twintig jaar. Het rapport gaat van start met de vermelding van de oprichting van het IGVM en de creatie van de geïnstitutionaliseerde gelijke kansenorganen en -diensten op de verschillende bestuursniveaus sinds 1995 en van de goedkeuring van een wetgevend arsenaal rond gendergelijkheid. Andere belangrijke realisaties zijn de ontwikkeling van een structureel en gecoördineerd beleid op het vlak van gender mainstreaming en de strijd tegen geweld op vrouwen.

Concreet wordt er melding gemaakt van de uitwerking van de gender mainstreamingstrategie, van arbeidsmarktregelingen die de toegang van vrouwen tot de arbeidsmarkt vergemakkelijken, gezin en beroepsleven beter op elkaar afstemmen en de loonkloof bestrijden, van maatregelen op het vlak van de gezondheid, meer bepaald de seksuele en de reproductieve gezondheid en van de strijd tegen genderstereotypen.

Als voornaamste hindernissen die de realisatie van gendergelijkheid bemoeilijkten worden aangemerkt: de onderrapportering van de discriminatie op basis van geslacht of van de bestrijding van geweld, de effectieve implementering van de gender mainstreamingstrategie en het hoge moeilijkheidsgehalte van de toepassing van gender budgeting in de praktijk.

In het meest omvangrijke tweede deel van het rapport worden per actiedomein de verwezenlijkingen vermeld die de verschillende bestuursniveau realiseerden. De vermelde actieterreinen zijn: armoede, opvoeding en opleiding, vrouwen en gezondheid, geweld tegen vrouwen, vrouwen en gewapende conflicten, vrouwen en economie, vrouwen en besluitvorming, institutionele mechanismen om de promotie van de vrouw te stimuleren, vrouwen en fundamentele rechten, vrouwen en de media, vrouwen en milieu en jonge meisjes.

Uitdagingen voor de toekomst

Voor de toekomst hoopt het IGVM dat de nieuwe regeringen blijven investeren in de institutionele mechanismen die de gelijke kansen van vrouwen en mannen moeten bevorderen. Maar ook het maatschappelijk middenveld moet voldoende aandacht krijgen. Regeringen moeten bovendien de huidige dubbele piste blijven volgen en inzetten zowel op een specifiek genderbeleid als op gender mainstreaming met als kanttekening dat de toepassing hiervan een uitdaging blijft, met name als het gaat over gender budgeting.

Ook kijkt men uit naar de goedkeuring van een nieuw meerjarig nationaal actieplan ter bestrijding van gendergerelateerd geweld. En evenredige participatie van vrouwen en mannen in de besluitvorming blijft een uitdaging voor de volgende regeringen evenals de strijd tegen seksistische stereotypen.

Een laatste opdracht voor de verschillende regeringen is de handhaving en de uitbouw van onafhankelijke mechanismen om tegemoet te komen aan de vragen of klachten van burgers die het slachtoffer zijn van discriminatie op basis van geslacht, rekening houdend met de aanbevelingen van de ECRI. [1].

Het rapport maakt tenslotte ook een kritische kanttekening bij het post-2015 doelstellingkader. Het IGVM vindt dat de specifieke doelstelling in verband met de gendergelijkheid en de empowerment van vrouwen moet worden gehandhaafd en zelfs aanzienlijk versterkt worden. De nieuwe doelstelling moet ambitieuzer zijn dan die van de MOD’s en de structurele oorzaken van gendergerelateerde discriminatie aanpakken.

Interessante bijlagen

Vergeet ook niet te grasduinen in de erg interessante bijlagen. [2] Dan verneem je welke organisaties werden geraadpleegd bij de opstelling van het rapport, krijg je een minutieus overzicht van de wetgeving op het terrein van gendergelijkheid sinds 1995, een geannoteerde lijst van adviesraden op het terrein van gelijke kansen, onderzoek, initiatieven en gevoerde campagnes per bestuursniveau, cijfers m.b.t. geweld op vrouwen en m.b.t. het aantal vrouwen in de besluitvorming (tot 2010 of 2012), belichting van het kader van de Open Coördinatiemethode, het aantal toegekende verblijfsvergunningen op basis van gendergerelateerde redenen, cijfers i.v.m. klachten voor seksistische publiciteit, promotie m/v-gelijkheid in de media van de Franse Gemeenschap, voorbeelden van de Vlaamse expertendatabank en tenslotte indicatoren verbonden met de open coördinatiemethode.

Consulteer het Belgisch eindrapport over de toepassing van de Verklaring en het Actieprogramma van Peking (+bijlagen).

Het IGVM stelde ook een webpagina op rond Peking+20.

[1] De ECRI is een orgaan van de Raad van Europa voor de bescherming van de rechten van de mens dat belast is met de opvolging van problemen op het vlak van racisme, op het vlak van discriminatie op basis van etnische afkomst, nationaliteit, huidskleur, religie en taal, en op het vlak van xenofobie, antisemitisme en onverdraagzaamheid. Bovendien stelt de ECRI rapporten op en geeft ze aanbevelingen aan de lidstaten van de EU.

[2] De bijlagen zijn wel enkel voorhanden in het Frans