Logo Printen Logo RSS logo facebook

Amazone betreurt lancering jongenszender

Amazone betreurt lancering jongenszender

Op het kanaal van JIM komt vanaf de kerstvakantie een nieuwe kinderzender voor jongens van 8 tot 12 jaar. Als kruispunt gendergelijkheid betreurt Amazone de gegenderde aanpak die weinig ruimte biedt voor enige (gender)nuance.

De gegenderde aanpak hangt volgens professor Sofie Van Bauwel samen met de positionering van de zender met het oog op de verkoop van mediaruimte. Of de aanpak heilzaam is voor de jongens en meisjes zelf, is zeer de vraag.

De focus van de nieuwe jongenszender ligt op buitenlandse toppers als “Transformers”, “Pokémon”, de “Power Rangers”, naast lokale programma’s over sport, auto’s en games. Het impliceert niet alleen dat meisjes geen interesse zouden hebben in deze thema’s, het impliceert ook dat jongens enkel en alleen geïnteresseerd zijn in deze thema’s. Uit onderzoek bleek al dat zo’n vroege opdeling in genders en bijhorende vermeende eigenschappen – jongens houden van sport en willen graag bouwen, meisjes houden van prinsessen en willen graag zorgen - performatief kan werken.

Van Bauwel stelt dat dit voornamelijk een economisch verhaal is, waarbij het marktgericht denken en het aantrekken van adverteerders de bovenhand haalt. Daarbij vraagt ze zich af of ook commerciële omroepen niet moeten bijdragen aan het doorbreken van genderstereotiepe beelden. Bedrijven hebben immers een maatschappelijke verantwoordelijkheid. Deze kinderzender is volgens Van Bauwel een gemiste kans en Amazone onderschrijft deze mening. Jongens en meisjes moeten een eigen keuze kunnen maken. Niet alleen beperkt hokjesdenken de vrije ontwikkeling van elke persoon, deze dichotomie werkt ook contraproductief op langere termijn, voor het individu en voor de maatschappij in haar geheel.

Onderzoek wijst uit dat de keuzes die meisjes en jongens rond hun 12 tot 14 jaar maken bepalend zijn voor hun verdere studieloopbaan en, later, beroep. Uit deze fiche [1] blijkt dat meisjes vaker kiezen voor een opleiding zoals gezondheids- en welzijnswetenschappen, terwijl jongens zich meer inschrijven voor een opleiding bouw bijvoorbeeld. Ook in het hoger onderwijs zien we dezelfde evolutie. Zo is in 2015 slechts 14,5% [2] van de bestuurders en onderwijzers in de Vlaamse basisscholen mannelijk. In 2014 tellen we in de richting Toegepaste Wetenschappen slechts 18% [3] vrouwelijke afgestudeerden. We kunnen dus spreken van gegenderde studierichtingen, wat we kunnen linken aan de gendersocialisatie waarmee kinderen al op vroege leeftijd geconfronteerd worden.